Wealth ReviewLente 2019

Nederlands  |  Français

Huwelijksvermogensstelsels en geregistreerde partnerschappen
Nieuwe Europese verordeningen

België, en in ruimere zin de Europese Unie, telt almaar meer internationale koppels, waarmee bedoeld wordt koppels waarvan de echtgenoten een verschillende nationaliteit hebben. Elk jaar worden er nieuwe huwelijken met een grensoverschrijdend karakter gevierd. En evenzo worden nieuwe wettelijke samenlevingsverbanden geregistreerd. Denk bijvoorbeeld aan een koppel van Franse nationaliteit van wie het huwelijk onder het Franse recht valt, en dat zich vervolgens in België wil vestigen. Voor gehuwden in dergelijke situaties zal het noodzakelijk zijn te achterhalen welk recht van toepassing is op hun huwelijksvermogensstelsel.

Het internationaal privaatrecht brengt klaarheid.

Clara Crevecoeur

Estate Planner

Laurence Joseph

Estate Planner

“De Europese wetgever wil de rechtszekerheid binnen het kader van de toenemende mobiliteit van koppels versterken.”

Op 29 januari 2019 zijn twee nieuwe Europese verordeningen op het vlak van het internationaal privaatrecht in werking getreden. De ene heeft betrekking op huwelijksvermogensstelsels en de andere op vermogensrechtelijke gevolgen van geregistreerde partnerschappen (hierna de verordening Huwelijksvermogensstelsels en de verordening Geregistreerde partnerschappen genoemd). We verduidelijken kort het doel en de draagwijdte van die twee verordeningen.

Belangrijk is dat de verordeningen enkel betrekking op het burgerlijk recht dat van toepassing is in die situaties, en dus niet op de fiscale regels.

Harmonisatieproces sinds 2000

De Europese Unie, die zich ervan bewust is dat het aantal vermogensrechtelijke vragen met een internationaal karakter toeneemt, tracht sinds de jaren 2000 het internationaal privaatrecht van de lidstaten te uniformiseren. Zo vormen, bijvoorbeeld de echtscheiding, de alimentatieverplichtingen of het erfrecht al het voorwerp van Europese verordeningen die erop zijn gericht de rechtszekerheid daaromtrent te verbeteren. Met de goedkeuring van die twee nieuwe verordeningen zet de Europese Unie dus het harmonisatieproces voort.

“De verordening Huwelijksvermogensstelsels voorziet dat toekomstige echtgenoten het recht kunnen kiezen dat van toepassing is op hun huwelijksvermogensstelsel.”

Meer rechtszekerheid

Met die twee nieuwe verordeningen wil de Europese wetgever de rechtszekerheid binnen het kader van de toenemende mobiliteit van koppels versterken. De opzet van die twee verordeningen is om op een uniforme manier de regels uiteen te zetten die van toepassing zijn op de vermogensrechtelijke relaties van gehuwde paren of van koppels met een geregistreerde partnerschapsvorm, en die een internationale dimensie hebben. In België valt het wettelijk samenwonen in de tweede categorie.

Naast elkaar bestaan van de oude en nieuwe regels

De twee verordeningen werden op hetzelfde moment uitgewerkt en goedgekeurd. Bijgevolg voorzien ze allebei gelijklopende regels om te beantwoorden aan drie gewone vragen van het internationaal privaatrecht voor koppels binnen een internationale context, namelijk:

Welke jurisdictie is bevoegd?

Welk recht is van toepassing?

Hoe wordt de beslissing toegepast?

Hierna spitsen we onze aandacht uitsluitend toe op de verordening Huwelijksvermogensstelsels. Bovendien zal onze aandacht enkel uitgaan naar de tweede vraag, namelijk welk recht van toepassing is. We merken ook op dat de nieuwe regels van toepassing zijn op koppels die huwen na of voorstellen de toepasselijke wetgeving op hun huwelijksvermogensstelsel te wijzigen na 29 januari 2019. Op de verbintenissen die zijn gevormd voor die datum, blijven dus de oude regels van toepassing

Huwelijk: welk recht is van toepassing?

De verordening Huwelijksvermogensstelsels voorziet in de eerste plaats dat toekomstige echtgenoten het recht kunnen kiezen dat van toepassing is op hun huwelijksvermogensstelsel. Die keuze houdt wel in dat er een huwelijkscontract moet worden afgesloten. De keuze is evenwel beperkt en kan enkel betrekking hebben op:

 hetzij het recht van het land waarin een van de echtgenoten minstens zijn gewone woonplaats heeft op het moment waarop het huwelijkscontract wordt afgesloten;

 hetzij het recht van het land waarvan een van de echtgenoten minstens de nationaliteit heeft op het moment waarop het huwelijkscontract wordt afgesloten.

De echtgenoten kunnen vervolgens, als het gekozen recht hun dat toelaat – wat over het algemeen het geval zal zijn – kiezen voor een huwelijksstelsel dat is toegelaten of wordt georganiseerd door dat recht. Bijvoorbeeld, als ze kiezen voor het Belgische recht, kunnen ze kiezen om het Belgisch stelsel van scheiding van goederen te hanteren.

Indien zij geen recht kiezen (wat bijvoorbeeld het geval zal zijn voor echtgenoten die zijn gehuwd zonder huwelijkscontract), bepaalt de Europese verordening Huwelijksvermogensstelsels het recht dat van toepassing is op het stelsel door zogenaamde “opeenvolgende” aanknopingsfactoren te voorzien. Dat betekent dat het eerste criterium moet worden gebruikt om het toepasselijke recht te bepalen en dat enkel naar het tweede criterium mag worden overgestapt, als het vorige niet kan worden geïmplementeerd. Zo voorziet de verordening in het toepasselijke recht op het huwelijksvermogensstelsel van de echtgenoten door de volgende aanknopingsfactoren:

1) Het recht van het land waar de echtgenoten na de voltrekking van het huwelijk hun eerste gewone gemeenschappelijke verblijfplaats hebben gevestigd.

2) Het recht van het land waarvan de echtgenoten allebei de nationaliteit hebben op het moment van de voltrekking van het huwelijk, als er na het huwelijk geen gewone gemeenschappelijke verblijfplaats is.

3) Het recht van het land waarmee de echtgenoten de nauwste band hebben op het moment van de voltrekking van het huwelijk, als er na het huwelijk geen gewone gemeenschappelijke verblijfplaats en geen gemeenschappelijke nationaliteit is.

Met de goedkeuring van die nieuwe verordeningen zet de Europese Unie het harmonisatieproces van de regels van het internationaal privaatrecht voort. Zo probeert ze intern een duidelijk juridisch kader in te voeren dat de rechtszekerheid op het vlak van huwelijksvermogensstelsels en geregistreerde partnerschappen moet waarborgen.

Video
E-card

Your name

Your e-mail address

Name receiver

E-mail address receiver

Your message

Send

1