Chinese technologiebedrijven doen zich gelden op de beurs

Net zoals in de Verenigde Staten winnen de Chinese technologieaandelen aan belang. In de VS zijn het de FANG’s (Facebook, Amazon, Netflix en Google/Alphabet) die het mooie weer maken, terwijl het in China de BAT’s zijn (Baidu, Alibaba en Tencent)(1) die gelijkaardige prestaties neerzetten. Tijdens het jaar 2017 bedroeg het aandeel van de FANG’s (die 6,3% van de index vertegenwoordigen) in de prestatie van de MSCI US 21,7%, terwijl de BAT’s (die 8,9% van de index vertegenwoordigen) goed waren voor 24,1% van de prestatie van de MSCI EM. En in 2018 is dat aandeel tot dusver toegenomen. Hoe komt het dat Chinese IT-bedrijven een prominentere plaats innemen op de beurs?

Lees meer


Print het artikel

Quirien Lemey

Fund Manager International Equity

Elisabeth Nève de Mévergnies

Junior Analyst

China bekleedt een vooraanstaande plaats in het wereldwijde e-commerce landschap: volgens McKinsey vindt 42% van de online kleinhandelsverkoop in China plaats. Volgens waarnemers zou die online verkoop de komende vijf jaar bovendien sneller moeten toenemen in China dan in de Verenigde Staten en Europa. Amerikaanse en Europese consumenten houden namelijk nog vast aan fysieke winkels. In China daarentegen hebben de consumenten de brick and mortarstap (letterlijk: steen en cement, aanduiding voor traditionele fysieke aanwezigheid) van de kleinhandel gewoon overgeslagen.

De cijfers voor mobiel betalingsverkeer zijn nog indrukwekkender. In 2016 waren mobiele betalingen voor individuele consumptie in China goed voor 790 miljard dollar, wat neerkomt op elf keer het bedrag van mobiele betalingen in de VS. In de Verenigde Staten en Europa overheersen kredietkaar-ten (Visa en Mastercard) en betaalkaarten de markt van de betalingen. In China echter slaagde UnionPay, het krediet- en betaalkaartennetwerk van de Chinese overheid, er nooit in om de markt te domineren. Chinese consumenten hebben namelijk meteen de overstap gemaakt naar mobiele verrichtingen. Maar wat heeft die evolutie mogelijk gemaakt?

Echte strategie gericht op ontwikkeling

Chinese IT-bedrijven konden profiteren van een interne groei dankzij een echte ontwikkelingsstrategie die politieke, economische en culturele factoren in zich verenigt.
Vanuit politiek en economisch oogpunt, heeft de Chinese president, Xi Jinping, de ambitie om van China een “cyber superpower” te maken. Met zijn plan “Made in China 2025” wil hij ervoor zorgen dat China voor bepaalde strategische domeinen de absolute nummer één wordt. Het plan moet er ook toe leiden dat China in zijn eigen behoeften kan voorzien op het vlak van cruciale technologieën. Bijvoorbeeld door halfgeleiders zelf te ontwikkelen, een pijnpunt voor de Chinese economie dat onlangs duidelijk zichtbaar werd door de koersval van ZTE nadat het bedrijf door Trump werd geviseerd. Daarnaast gebruikt China “firewalls” waardoor de toegang tot verboden websites zoals Twitter, Facebook en Youtube onmogelijk wordt. De Chinese bedrijven blijven op die manier beschermd tegen buitenlandse concurrentie. Ze kunnen daardoor de Chinese markt domineren, zonder afhankelijk te zijn van buitenlandse platformen.
Vanuit cultureel oogpunt, is het model voor digitalisering meer geïntegreerd en gecentraliseerd. Alibaba en Tencent bouwen echte digitale ecosystemen met behulp van “superapps” waarop de gebruiker in slechts een enkele klik commerciële websites, zoekmotoren, bankrelaties, enz. kan terugvinden. Alle toepassingen zijn gecentraliseerd op geïntegreerde apps, terwijl die in Europa over diverse platformen zijn verspreid. Bovendien bevat het model voor digitalisering in China veel meer gegevens. De bescherming van de persoonlijke levenssfeer is er nu eenmaal veel minder belangrijk dan veiligheid en controle (gezien de afwijkende verhouding tot gezag en staat). IT-ontwikkelaars krijgen daardoor toegang tot een overvloed aan data van 800 miljoen internetgebruikers, en dat allemaal onder het goedkeurende oog van de overheid.

Dat is nog niet alles

Terwijl China de komende jaren hiervan nog de vruchten zal kunnen plukken op de eigen interne markt, lijken de digitale reuzen van China de omvang, de expertise en de ambitie te hebben om zich in nieuwe domeinen en buiten de landsgrenzen te ontwikkelen. De volgende digitaliseringsgolf in China zal voortvloeien uit meer digitale toepassingen in sectoren zoals de auto-industrie, financiële diensten, gezondheidszorg, enz. Meer en meer sectoren zullen te maken krijgen met desintermediatie, desaggregatie (diensten opsplitsen en ze herverpakken), dematerialisatie (onder meer met behulp van virtuele werkelijkheid, 3D printers) maar ook de robotisering (in het bijzonder door artificiële intelligentie) en de demonetarisering die de waardeketens herstructureren en de productiviteit stimuleren.

Bovendien beschikken Alibaba en Tencent over aanzienlijke cashreserves waardoor ze in staat zijn om een strategisch belang te verwerven in ondernemingen die zich in andere geografische zones bevinden. Een nieuw actieterrein is Zuidoost-Azië omdat daar nog geen dominante technologiebedrijven zijn, waardoor een snellere marktpenetratie mogelijk is. Maar China heeft nog een lange weg af te leggen vooraleer het de opkomende markten kan domineren. Zo bedroeg het buitenlandse aandeel in de omzet van Alibaba eind 2017 slechts 10%.

Wat de ontwikkelde markten betreft, bestaat er een risico op digitaal protectionisme door de overheden en bedrijven van China en Amerika. Maar een “tech cold war” uitlokken in de hoop het eigen model te laten overheersen, door verrichtingen te blokkeren en tarieven te verhogen, zou inefficiënt en zelfs contraproductief zijn. China blijft bovendien erg afhankelijk van andere landen. Momenteel importeert het land meer IT-componenten, zoals halfgeleiders, dan ruwe olie. En Chinese ondernemingen hebben duidelijk geen interesse in de Europese en Amerikaanse markt waar bedrijven en infrastructuur al aanwezig zijn. En waar bovendien de technologische cultuur verschillend is en persoonsgegevens ook nog eens veel beter zijn beschermd.

Hoe te beleggen?

Hoewel Chinese IT-bedrijven nog groeipotentieel hebben, moeten beleggers goed beseffen wat de risico’s zijn. Het huidige groeiper-centage zal op lange termijn niet houdbaar zijn, onder meer door de wet van de grote aantallen. Hoe meer een bedrijf zich ontwikkelt, hoe moeilijker het wordt om het groeipercentage te handhaven. Daarnaast is onduidelijk hoe de potentiele risico’s gerelateerd aan de cycli, de regelgeving en de tech-nologische revolutie zullen evolueren. In China is de rechtsstaat soms ver te zoeken. De Chinese overheid toont ook weinig scrupules als het erom gaat een private onderneming te onteigenen of de controle ervan over te nemen.

Slotsom, de ontwikkeling van IT-bedrijven in China biedt inderdaad kansen maar voorzichtigheid is geboden. Dat veronderstelt een gediversifieerde portefeuille met een langetermijnhorizon en met een goed begrip van de markt en de risico’s.

(1) Baidu : zoekmotor, Chinese tegenhanger van Google.
Alibaba: reus op het vlak van online verkoop, Chinese tegenhanger van Amazon.
Tencent: Chinees technologiebedrijf, eigenaar van de immens populaire toepassing WeChat.

Video
Contact

Your name

Your e-mail

Your message

Send

E-card

Your name

Your e-mail address

Name receiver

E-mail address receiver

Your message

Send

1